Bosmarathon Soest: hard starten en zien waar schip strandt

Ik sta met mijn haar nog nat van het zweet op mijn drankjes te wachten bij de bar van atletiekvereniging Pijnenburg in Soest.

‘Dat was niet zo slim, meneer Sportrusten,’ hoor ik achter me.

Een slanke man met grijs haar kijkt me aan.

‘Wat was niet zo slim?’ vraag ik.

‘Je opbouw. Na vijf kilometer liep je eerste, maar bij de finish was je derde. En daar worden de prijzen verdeeld, dus de volgende keer moet je het toch anders indelen en niet zo snel starten.’

Ik bedank de man voor de tip en de dame achter de bar geeft me drie kopjes thee. Buiten praat ik theedrinkend na met neven Maarten en Mark. We hebben de groenste halve marathon van Nederland gelopen in Soest.

Mark werd tweede, ik derde.

Het was niet mijn doel om op het podium te komen.

Zelfs een goede eindtijd boeide me niets.

Doel was: hard starten, diep gaan en dan nog iets dieper gaan.

In mijn uppie in een training kan ik me er niet toe zetten om echt diep te gaan, maar met een nummer op mijn buik lukt dat wel

Af en toe flink diep gaan is goed voor mijn brein en creativiteit, dus eens per twee, drie weken doe ik mee aan een evenement of sloof ik me uit met vrienden.

Dus daarom stond ik met nog 72 anderen aan de start van de Bosmarathon in Soest voor de halve afstand.

Bij de start staan we op de eerste rij en na 300 meter vind ik de koploper te langzaam gaan. Dan weet ik al dat ik een tikkie overmoedig ben.

Maar ach – what the heck – ik voer het tempo op en loop kilometers lang op kop met alleen een vrijwilliger op een mountainbike met een geel hesje en neef Mark nog bij me: die is net zo overmoedig.

Idiote tussentijden

4:03
3:59
3:56

Ik denk nog even: lollig als we 1 en 2 worden.

Maar al na vijf kilometer krijg ik het zwaar. Op zich prima, want mijn doel is om er een zware dag van te maken, maar wel wat vroeg voor een goede tijd of een podiumplek.

Mijn tempo zakt wat in en Mark loopt bij me weg.

Kilometers lang loop ik alleen en ik zie het gele hesje steeds kleiner worden. Mijn bovenbenen worden zwaarder, mijn ademhaling is diep en heb ik net onder controle.

Het bos ligt er schitterend bij.

Zon.

Herfst.

Schitterende kleuren.

Vooraf vreesde ik nog dat het in het bos soms moeilijk zou zijn om de juiste route te volgen, maar met groeiende dankbaarheid en bewondering zie ik op elk kruispunt een vrijwilliger staan die vriendelijk de weg wijst.

AV Pijnenburg en vrijwilligers: dank!

Mijn dankbaarheid verzacht tijdelijk de pijn in mijn benen, maar kan niet voorkomen dat mijn tempo terugloopt.

4:17
4:25
4:39
4:55

Halverwege loop ik nog tweede, maar bij kilometer elf word ik ingehaald door een echte loper: singlet, strakke broek en soepele tred.

In een reflex haak ik bij hem aan. Ik denk zelfs even dat ik wel met hem naar Mark toe kan lopen, maar na tweehonderd meter moet ik – natuurlijk – afhaken. Als ik veel sneller had gekund, dan had ik dat al wel gedaan en had hij me überhaupt niet ingehaald.

De nieuwe nummer twee loopt bij me weg en ik vrees al dat Mark er ook aan moet geloven.

Die is net als ik: (te) snel starten is leuker dan aan het eind wat overhouden.

De laatste vijf kilometer kijk ik regelmatig achterom, maar ik zie niemand in de buurt komen. Vooraf was ik met de uitslag helemaal niet bezig, maar nu wil ik koste wat het kost mijn derde plek (en bloemen?) verdedigen

Met nog twee kilometer te gaan word ik vlak voor een heuveltje aangemoedigd door twee vrijwilligers: dat ziet er soepel uit, succes de laatste twee kilometer!

Soepel voelt het niet, maar ik weet dat ik niet echt in ga storten en dat de derde plek veilig is.

Op de streep ben ik moe, voldaan en dik tevreden.

Toch geinig om bloemen te krijgen.

Samen met Bas van der Heijden en Mark Zuurhout, foto Nico Vink

 

Mark is dik tevreden en wil er wel een gewoonte van maken om vóór me te lopen.

De slanke man met grijs haar komt de kantine uitgelopen.

‘Wat wordt je volgende wedstrijd?’ vraagt hij.

‘Dat weet ik nog niet,’ antwoord ik, ‘maar ook daar start ik weer hard en zie wel waar het schip strand.’

Hij schudt zijn hoofd en zegt: ‘Onnozele lopers moeten er ook zijn.’

 

Ps. Neef Maarten loopt volgende maand de Ronde Venen Marathon en liep wél met een hartslagmeter op marathonhartslag.

Over de auteur

Ademhaling is mijn favoriete onderwerp. Hardlopen en kou staan gedeeld tweede. Over deze onderwerpen schreef ik 10 boeken en ik leid ademcoaches en koucoaches op. Mijn favoriete ademhalingsoefening is anapana en run-dip-run is mijn favoriete training.

Koen de Jong