Zaterdagochtend: wauw, dat dit kan

Zaterdagochtend: wauw, dat dit kan

Na anderhalve kilometer had ik spijt van mijn appje op dinsdag.

Mijn bovenbenen liepen al vol en ik moest nog dik zes kilometer.

Zaterdagochtend: ik had ook met een kopje koffie op de bank kunnen zitten met Herman Koch.

Maar ik zat niet op de bank. Ik sloeg rechtsaf en had geen oog voor de Sloterplas.

Nou, W. had het nummer van Jasper wel, dus ik appte hem.

Of ie zin had om een rondje met me te lopen. Op Strava zag ik regelmatig snelle rondjes van hem voorbij komen. Hij woont in de buurt. En ik ken hem via zijn huidige voetbalvrienden (dat zijn mijn voetbalvrienden van 25 jaar geleden). In het café hadden we het weleens gehad over de marathon (wat is jouw tijd?).

Volgens mijn Stryd zit er nog wel wat rek in mijn vermogens en tempo’s, dus het leek me leuk om eens met iemand te lopen die net iets harder loopt dan ik. Kijken hoe dat uitpakt.

Of Jasper een rondje Sloterplas wilde lopen onder de 4:00 min/km.

Leuk met 5 k’s en drie smiley’s. Misschien had ik de bui al moeten zien hangen.

Maar ik zag de bui niet hangen. Ik dacht: gezellig en leuk. Even gas geven met een leuke gast.

Gewoon hard starten en gaan, spraken we af

Zijn PR op de marathon is 3u06. Dus dat moet goed gaan, dacht ik, want ik ben ietsje sneller.

Kilometer 1: 3:34

Kilometer 2: 3:39

Amai. Dit gaat (te?) hard.

‘Dit is een mooi stukkie. In de lente zie je hier bonte en groene spechten. En daar bij dat slootje zitten ijsvogels,’ zegt J.

‘………..hijg…………..hijg……….,’

‘Vind je niet mooi? Jij houdt toch van vogels?’

‘………..hijg…..j……hijg…..a…..’

Een bekende loper vergeleek de kopgroep van een marathon eens met je vinger in een brandende kaars steken en kijken wie zijn vinger het langst in de vlam houdt.

Met Jasper heb ik het gevoel alsof ik mijn hele kop in een haardvuur gestoken heb.

En ik moet nog 6 kilometer.

Rechts.

Links.

Hijg. Hijg. Hijg.

Na 3 kilometer kijk ik even op mijn horloge: 281 Watt.

Dat gaat goed.

Ruim boven Critical Power. 

En het mooiste: we zijn even hard blijven lopen, maar ik herpak me een beetje. Bonte spechten zie ik nog steeds niet, maar de feloranje schoenen van J. hebben nog geen zwarte vlekken en ik voel dat we hard gaan en dat ik het nog wel een kilometer volhoud.

Daarna zien we wel verder.

Jasper zegt ook weinig meer. Na iedere kilometer piept zijn horloge en dan kijkt ie even.

‘Dit gaat goed,’ is het enige dat ie zegt.

In reflex kijk ik dan ook op mijn horloge en dan zie ik dat we constant tussen 276 en 284 Watt lopen. Dat gaat zeker goed.

Praten kan ik al lang niet meer, mijn bovenbenen willen me wel iets duidelijk maken, maar hun boodschap wil ik even niet horen: alweer een snelle kilometer voorbij

‘Nog 1,5 kilometer,’ zegt J. zonder een spoor van gehijg of ademachterstand.

‘………………,’

Iets zeggen lukt niet, maar ik denk: yessssss, dit gaat lukken.

Blik op mijn horloge: 279 Watt.

Na een slotsprintje zet ik mijn horloge stop.

Huh, serieus: 3:43 /km?

Volgens mij heb ik een 5 kilometer nog nooit zo hard gelopen. En nu was het 8 kilometer. Op een gewone zaterdag.

Dat ik de afgelopen weken erg fit was, had ik wel gemerkt. Omdat ik vermogensmeter Stryd test, loop ik gevarieerder dan ooit. Maar ik ben ook een paar kilo zwaarder dan goed is (voor een PR). Dus er zit nog wel wat rek in. Wat afvallen, nog wat doortrainen en als we straks in 2021 wel weer (kleinschalige) loopevenementen hebben, helpt dat ook mee.

Als gevolg van dit snelle rondje heb ik de rest van de zaterdag een grote grijns. Zelf als ik in de pan word gehakt met Carcassone.

Dat ook Jasper een goeie zaterdag had omdat hij mij 8 kilometer stuk zag gaan bleek ook al snel: ‘Volgende week weer,’ appt J.

Goed idee, doen we wel iets rustiger aan. Maken we er een run – dip – run van.

Wat doe jij komend weekend?

Over de auteur

Koen de Jong (1979) loopt hard, fietst graag, ademt rustig en doucht koud. Hij is bedenker van het 100-dagen-sportrustenprogramma en geeft veel presentaties bij bedrijven.

Koen schreef de boeken Verademing (met Bram Bakker), Ik hardloper en De Hardlooprevolutie (met Stans van der Poel), Kopwerk (met Aart Vierhouten) en Koud kunstje (met Wim Hof). Zijn werk is in meerdere landen vertaald.

Zijn favoriete boek: Momo en de tijdspaarders.

Verder is hij dol op vers gemaaid gras, landkaarten, boekwinkels en ijsvogels.


Nieuwsbrief

Wil je wekelijks het nieuwste blog, aankondiging van webinars, meer interessante kost je mailbox? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief.

*  Website URL


7 Responses to "Zaterdagochtend: wauw, dat dit kan"

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.