Trailbonkies voor nachtdieren

Zaterdagavond. 21:21u.

We rijden een donker pad op. Steeds minder huizen en meer en meer bomen vormen het decor.

De volle maan verlicht het pad naar ‘De Rotterdamsche Alp’. Dit is een gebied in Rotterdam met bos en paden, aangelegd op restanten van door de tweede wereldoorlog verwoeste gebouwen.

Zo loop je op heuvels die sterk in hoogte variëren op onder andere de restanten van een ziekenhuis

‘De Alp,’ zoals Rotterdammers het gebied liefkozend noemen,  is in het weekend de thuisbasis van een aantal Rotterdamse loopmaatjes van me: De Running Rebels Rotterdam.  Mijn loopvriend Rafael Krijgsman traint voor de ‘Legendstrail’.

Een trail van 250 (!) km door de Ardennen, in de koudste maand van het jaar: februari (als het doorgaat).

250 kilometer loop je natuurlijk niet in één dag. Dus Rafael loopt ook ’s nachts, in het pikkedonker. Daarom is hardlopen in de nacht een belangrijk onderdeel van zijn trainingen.

Tijdens deze zaterdagnacht loop ik een paar uur met hem mee. Als nachtdieren door het duister

Zo goed getraind als Rafael momenteel al is, ben ik dat nog niet. De afgelopen maanden waren voor mij qua gezondheid een uitdaging. De reuma was flink opgevlamd en momenteel probeer ik de regie weer in handen te krijgen. Dat lukt steeds wat beter en mijn trainingen krijgen meer regelmaat en mijn loopkilometers nemen weer toe.

Voor Rafael was de uitdaging om de hele nacht te lopen. Voor mij was het een fikse uitdaging om weer eens een halve marathon te lopen.

We zijn met vier lopers en lopen het donkere bos tegemoet.  We besluiten rondes te lopen waardoor we steeds even terugkomen bij de auto. Zo kunnen lopers vanzelf afhaken. De eerste ronde is voor een groot gedeelte verhard. We hebben nog praatjes. Maar als vanzelf worden de stemmen zachter en is alle aandacht gericht op het lopen in het donker.

De afgelopen week heeft het flink geregend. Op paden die er ogenschijnlijk vlak uitzien, zakken we tot diep in de enkels in de modder. Dat maakt niet uit. Met zo’n avontuur in de nacht, hoort vies thuiskomen er gewoon bij. Sterker nog: ik vind het heerlijk!

Tijdens het lopen, merk ik dat we niet de enige lopers zijn in dit gebied. Als we bij de Alp aankomen, een steile berg die het melkzuur in je benen vast even wakker schudt, blijkt dat er meer van die malloten in het donker lopen.

De één gaat een paar uur lang de Alp op en af voor zijn hoogtetrainingen en weer een ander wil in zijn eentje een paar uur doorlopen om zichzelf tegen te komen.

Ik vind het intrigerend.

In stilte lopen we over de Alp. Volle maan schijnt over de smalle, gladde paden en we lopen, met minstens 10 meter afstand in een ketting van lopers met een lampje op het voorhoofd.

Het voelt alsof we een geheim verbond hebben

Het geheime verbond van gelukkige mensen op loopschoenen. Waar we een aantal jaar geleden, met dezelfde mensen op Rotterdamse festivals stonden te dansen met een biertje in de hand, lopen we nu in stilte door dit indrukwekkende gebied.

Na een kilometer of 17 is bij mij de glans wel uit de benen. De paden zijn allang geen paden meer. We lopen door gebied waar het gras tot net onder de knieën komt en waar de modder net tot bóven de enkels komt. Ik raak wat achter op de groep met mannen die een meter of 50 voor me loopt. Mijn lampje valt uit en precies op dat moment blijft mijn schoen in de modder staan. Een kort moment van angst overvalt me. Het is donker, ik ken de weg niet en ik moet nodig mijn schoen aan zien te krijgen. Met een benauwd stemmetje roep ik om hulp. Ik vind mijn schoen weer, en kan weer door. De mannen komen mijn kant op, schijnen bij en met elkaar lopen we door. Kameraadschap. Door het mulle zand, door het hoge gras, door het bos. Bukkend voor takken. In stilte. Een vallende ster, een vos, het geluid van zompige voetstappen en volle maan mét halo.

Na precies 21.1km komen we weer terug bij de auto en klik ik mijn horloge uit.

Moe, voldaan, tevreden en intens gelukkig.

En de mannen? Die lopen nog een uurtje of wat door na een korte pitstop met water en trailbonkies. Dromend over dat ene weekend in februari.

Trailbonkies?

Ja, een nieuw recept als je geen gelletjes wil nemen tijdens een lange duurloop maar wel goede energie wil binnenkrijgen om lekker door te kunnen lopen.

Hoe maak je de trailbonkies?

100gr havermout
30gr fijngehakte walnoten
20 gr gemalen kokos

50 gram in stukjes gesneden gedroogde abrikozen

50 gram rozijnen
2 rijpe bananen (je kunt ze opwarmen in de oven zodat de banaan lekker zacht is, handig voor de substantie)

Mix alles door elkaar en maak er een goede brei van.

Maak er dikke ‘bonkies’ van door ronde bolletjes te maken van een cm of 4.

Leg deze op de bakplaat en druk de bonkies op de bakplaat.

23 minuten in een voorverwarmde oven op 180 graden.

Eet lekker, sport nog lekkerder!

Ps… Ze zijn ook heerlijk als ontbijtje. Je hoeft er niet voor in de nacht te gaan hardlopen 😉

Over de auteur

Na de diagnose reuma en een verlammend doktersadvies "jij mag nooit meer hardlopen" ging Janneke Poort op zoek naar alternatieven. Inmiddels is Janneke 20 kilo afgevallen en heeft ze drie marathons gelopen.

Bij Sportrusten is ze chef plannensmeder én ze is de beroemde loopfotograaf Sjansarazzi.