Marathonexperiment: wel of geen koolhydraten?

Marathonexperiment: wel of geen koolhydraten?

Doodeng experiment: komende zondag loop ik een marathon en ik ga dat doen op een handje nootjes en een aardappel.

Ik eet namelijk steeds minder koolhydraten.

Omdat interessante types zoals medisch bioloog Remco Verkaik, arts William Cortvriendt en schrijfster Maaike de Vries  er met enthousiasme en verstand over praten: meer vetten en minder koolhydraten is een uitstekend ‘dieet’ voor een portie energie. Want als je lichaam vaker geneigd is om je vet als brandstof te kiezen is dat gunstig, je hebt immers veel meer vet dan suiker (ook als je dun bent).

In theorie klinkt het logisch: eet vet, dan heeft je lichaam een voorkeur om vet als brandstof te gebruiken.

Ik ben nieuwsgierig naar wat het me brengt.

Soms gaat het goed: ik eet nauwelijks koolhydraten dankzij het kookboek van Cortvriendt en Prins (Hoe word ik 100) en ik voel me fit.

Soms gaat het mis: ik eet twee stukken taart en daarna ook nog een pak koekjes.

Sporten gaat altijd goed – zelfs op lege maag – hoewel lange fietstochten soms zwaar zijn.

Al met al gaat het prima op minder koolhydraten, maar toch knaagt er iets

Eigenlijk wéét ik nog steeds weinig over mijn energiegebruik. Wanneer stookt mijn lichaam vet en wanneer pakt mijn lichaam glycogeen?

Met een marathon op komst komende zondag, wil ik eigenlijk precies weten wát ik verbrand als ik aan het lopen ben. Want wat moet ik eten tijdens de marathon?

In koolhydraten stapelen de week voor de marathon geloof ik sowieso niet (meer).

En ik vind het ook gek om mijn lichaam vol te stoppen met goor snoep dat verkocht wordt als sportvoeding.

Maar helemaal geen gels onderweg vind ik nog wel wennen.

Zijn die gels voor onderweg nodig?

Of handig?

Of marketingflauwekul?

Maaike de Vries heeft veel ervaring. Ze liep de Jungfrau marathon op een ketogeen dieet (weinig koolhydraten) tijdens haar voorbereiding.

Tijdens de marathon nam ze geen gels of repen met toegevoegde suikers.

Toch liep ze de loodzware marathon gewoon uit en was ze na afloop laaiend enthousiast over haar nieuwe gerechten met veel vet en weinig koolhydraten.

Tijdens een lezing vroeg iemand haar – met lichte verbijstering – hoe dat in vredesnaam kon: een zware marathon zonder gelletjes.

De Vries nam de vragensteller in zich op en zei met een mysterieus lachje dat het helemaal niet zo moeilijk is.

Jij hebt genoeg vet voor wel 10 marathons, waar zou je gels en suikertroep voor nodig hebben? 

Ze schudde ook nog een verhelderend rekensommetje uit haar mouw.

Een gemiddeld persoon kan tot een halve kilo glycogeen opslaan. 100 gram in de lever en 400 gram in de spieren. Dit is goed voor maximaal 2000 calorieën. Je vetvoorraad is veel groter. Een gemiddeld persoon heeft al gauw 100.000 calorieën aan vet, tel maar uit je winst als je die vetten als brandstof in kunt zetten. 

Arts William Cortvriendt zegt eigenlijk iets vergelijkbaars, hoewel hij ook voorzichtig is**

Onderstaande grafieken uit het boek Lichter zijn duidelijk: beter kun je snelle koolhydraten mijden om op je zuinige vetten te kunnen lopen.

Door veel koolhydraten of suiker te eten schiet je suikerverbranding aan.

Want door de bloedsuikerpiek maakt je lichaam veel insuline aan. Slim natuurlijk, want zo krijg je geen diabetes. Alleen voor hardlopers is het eigenlijk een ramp, want veel insuline betekent ook dat je lichaam vet opslaat in plaats van als brandstof inzet.

Dit is helder.

Maar het irriteert me toch dat ik niet weet hoe mijn lichaam reageert op suiker. Reageert een lichaam van een ongezonde man van 80 (noem maar iemand) hetzelfde als het lichaam van een gezonde man van 39 (ik)?

Ik wil het wel eens écht weten.

Dus op internet bestel ik een apparaat waarmee ik mijn bloedsuikerspiegel kan meten (ja, die kun je gewoon bestellen*). Het is een wit rondje dat ik op mijn arm plak en een minuscuul naaldje prikt in mijn arm.

De komende 2 weken weet ik precies de glucosewaarden in mijn bloed

Vrijdag – de eerste dag – meet ik niet veel bijzonders, want ik eet gezond.

De glucosewaarden in mijn bloed schommelen tussen 3,4 en 5,6. Dat is prima. Mijn glucosewaarde stijgt niet na het eten (want groenten, noten en linzen) maar wél als ik achter de computer ga zitten om 21:00 uur. Om 21:45 ga ik mediteren en dan zakt de waarde weer (geen idee of daar een direct verband tussen is)

Op de 2de dag ga ik anders eten

De ogen van mijn zoon (10) worden groot als hij me de tafel ziet dekken voor de lunch

Want met de glucosemeter in mijn arm leg ik 2 gevulde koeken op mijn bord en zet ik een blikje cola (0,25L) bij mijn plek. Om niet lullig te doen, krijgt mijn zoon zijn geliefde Fanta. Bij het ontbijt heb ik al brood met jam gegeten en flinke hoeveelheden honing, iets wat ik eigenlijk nog zelden doe.

Om te checken of mijn bloedsuikerspiegel inderdaad stijgt en daarna flink zakt.

En ja hoor. Na een nacht waarbij de waarden onder de 4 blijven (en dus rood kleuren) zie ik na suiker en koolhydraatrijke maaltijden de hele dag mijn bloedsuiker pieken en dalen. Na de tweede piek ben ik een rondje gaan hardlopen, maar daarbij zag ik geen ander patroon dan na de eerste piek.

Ok. Ik weet nu in ieder geval dat de pieken en dalen die ik in boekjes lees niet alleen theoretisch zijn, maar ook echt gebeuren.

Komende week houd ik mijn bloedsuikerspiegel laag, om de vetverbranding áán te houden.

De marathon van Scheveningen naar Zandvoort loop ik dan met wat nootjes en een aardappel als koolhydraten – dus géén gels of repen.

Wat mijn bloedsuikerwaarden tijdens de marathon zijn, lees je volgende week.

Als ik de finish haal ten minste.

Wil je weten hoe het afliep?

Klik hier: https://www.sportrusten.nl/loodzware-marathon-op-4-aardappels-kan-dat/

* Ik raad je niet aan om zo’n apparaat te bestellen als je geen diabetes hebt. Het is een geinig experiment, maar het naaldje dat 14 weken in mijn arm prikt, voelt toch wat onnatuurlijk en de tintelingen in mijn arm lijken me niet erg gezond.

**Dit is een fragment uit een veel langer interview dat binnenkort verschijnt op www.hoewordje100.nl.

Deel dit artikel
Share on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin

Nieuwsbrief
Wil je wekelijks het nieuwste blog, aankondiging van webinars, nieuwe interessante boeken en meer in je mailbox? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief.


Over de auteur

Koen de Jong (1979) loopt hard, fietst graag, ademt rustig en doucht koud. Hij is bedenker van het 100-dagen-sportrustenprogramma en geeft veel presentaties bij bedrijven.

Koen schreef de boeken Verademing (met Bram Bakker), Ik hardloper en De Hardlooprevolutie (met Stans van der Poel), Ik, de wielrenner (met Aart Vierhouten) en Koud kunstje (met Wim Hof). Zijn werk is in meerdere landen vertaald.

Zijn favoriete boek: Momo en de tijdspaarders.

Verder is hij dol op vers gemaaid gras, landkaarten, boekwinkels en ijsvogels.

61 reacties op "Marathonexperiment: wel of geen koolhydraten?"

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.