Waarom mediteren meer voor me betekent dan hardlopen

Waarom mediteren meer voor me betekent dan hardlopen

‘Je zit me in de maling te nemen,’ Raymond de K. kijkt me een tikkie wantrouwig aan.

‘Nee, ik ben bloedserieus,’ zeg ik.

‘Hoezo dan?‘ Raymond kan het niet geloven. ‘Ik dacht dat hardlopen voor jou een eerste levensbehoefte was.’

‘Hardlopen vind ik verrukkelijk. Maar ik meen het: als ik moet kiezen tussen nooit meer hardlopen of nooit meer mediteren, is de keuze simpel. Dan loop ik nooit meer hard.’

‘Voor mij is hardlopen heel meditatief,’ zegt R. ‘Is hardlopen niet vergelijkbaar met mediteren?’

‘Nee voor mij niet. Hardlopen is hardlopen en mediteren is mediteren.’

‘Wat ís mediteren dan?’

Ik sta op en loop naar de boekenkast.

Goleman en Davidson hebben daar een mooi boek over geschreven: Meditatie

Ik pak het boek en sla het open op pagina 15.

Meditatie is een overkoepelend woord voor uiteenlopende vormen van contemplatieve activiteit, net zoals ‘sport’ naar een heleboel soorten lichamelijke inspanning kan verwijzen. Zowel bij de sport als bij meditatie hangt het uiteindelijke resultaat af van wat je precies doet. Zoals regelmatig sporten tot een betere lichamelijke gesteldheid leidt, zo zal vrijwel elke vorm van meditatie een zekere verbetering van geestelijke gezondheid tot gevolg hebben.

Dus? vraagt R, waarom is een zekere verbetering van geestelijke gezondheid zo bijzonder?

Mijn gedachten hebben meer invloed op mijn stemming dan mijn conditie. Als ik sombere gedachten heb, voel ik me somber. Als ik vrolijke gedachten heb, voel ik me goed. Dus is meditatie voor mij betekenisvoller dan hardlopen. Want daarmee tem ik mijn gedachten.

Ja, maar als ik heb hardgelopen voel ik me daarna ook beter, werpt R. tegen.

Ik ook. Hardlopend kan ik ook wel een punt bereiken waarop ik één word met mijn ritme, de natuur, mijn pasfrequentie of mijn ademhaling. Maar ik kan moeilijk altijd gaan hardlopen als mijn gedachten een loopje met me nemen.

Want mijn gedachten schieten met regelmaat alle kanten op: kort voor ik ga slapen, in de file, in aanloop naar een telefoongesprek, als ik een blog schrijf of als ik Carcassonne speel met mijn zoon.

Op de gekste momenten gaat mijn brein aan op mogelijke problemen of dingen die ik moet doen.

Sinds ik Vipassana-meditatie doe, is dat echter een stuk minder dan daarvoor

Eigenlijk ook heel logisch: je oefent je brein om niet mee te gaan met je gedachten.

Ja, maar is toch niks mis met gedachten? 

Nee, er is natuurlijk niks mis met gedachten, maar we moeten ook niet doen alsof we onze gedachten zíjn.

Oud-minister Johan Witteveen gaat nog een stap verder.

En het is zeer de moeite waard om te onderzoeken wat er overblijft als je voorbij het denken komt

Is dat saai of prachtig?

Niet denken, kan dat überhaupt?

Ik merk dat als ik de dag begin met mediteren dat het me rust, creativiteit en overzicht schenkt. En dat het nogal praktische voordelen brengt.

Terwijl ik dit schrijf, heeft mijn brein al een paar keer op het punt gestaan om op te staan.

Even kijken of Michiel B. al heeft gebeld.

Even thee zetten.

Even in mijn agenda kijken hoe laat is straks door moet.

Afleiding.

Zonder meditatie had ik al drie keer opgestaan om gehoor te geven aan mijn gedachten. Nu denk ik: Michiel B. komt na dit bloggie, thee zetten is helemaal nog niet nodig en die agenda komt wel, ik heb echt nog wel 20 minuten de tijd om dit stukkie te tikken.

En op langere termijn werkt dat natuurlijk fijn: een gelijkmoedig brein in plaats van een onrustige flipperkast van gedachtes en stemmingen.

Ik ben erg benieuwd naar ervaringen van mensen die én hardlopen én mediteren: wat is voor jou het verschil?

Gelijkmoedig voorwaarts.

Deel dit artikel
Share on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin

Nieuwsbrief
Wil je wekelijks het nieuwste blog, aankondiging van webinars, nieuwe interessante boeken en meer in je mailbox? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief.


Over de auteur

Koen de Jong (1979) loopt hard, fietst graag, ademt rustig en doucht koud. Hij is bedenker van het 100-dagen-sportrustenprogramma en geeft veel presentaties bij bedrijven.

Koen schreef de boeken Verademing (met Bram Bakker), Ik hardloper en De Hardlooprevolutie (met Stans van der Poel), Ik, de wielrenner (met Aart Vierhouten) en Koud kunstje (met Wim Hof). Zijn werk is in meerdere landen vertaald.

Zijn favoriete boek: Momo en de tijdspaarders.

Verder is hij dol op vers gemaaid gras, landkaarten, boekwinkels en ijsvogels.

34 reacties op "Waarom mediteren meer voor me betekent dan hardlopen"

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.