Spinning om te overwinteren: goed of hondsvermoeiend?
”Hè, hè”, hijgt Tim tevreden – met een rode kop – ”dat was weer lekker.”
Het is dinsdagavond.
Tims vaste avond voor spinning.
Niet van dat softe gedoe met rustige muziek en een hartslagmeter, maar het echte werk: met opzwepende muziek jezelf in 3 kwartier helemaal naar de kloten (excusez le mot) fietsen.
Tim is een bucketlist-type met veel ambitie, veel geld en veel plannen.
Er is slechts aan één ding chronisch gebrek: tijd.
Toch maakt hij de hele zomer 3 x per week tijd om te fietsen, samen met 4 vrienden. Op zijn rode Pinarello – afgemonteerd met Shimano Dura Ace – fietst hij tochten van rond de 50 kilometer (dinsdag- en donderdagavond) en 120 kilometer (in het weekend).
Fietsen met vrienden is een manier om zijn hoofd te legen.
Het is als een klein avontuur, midden in een werkweek.
Bijkomend voordeel: hij blijft op gewicht, ook in periodes dat het bier en de bitterballen hem goed smaken.
Maar ja. Als in oktober de klok terug gaat heeft Pinarello-man een probleem.
Donker.
Nat.
Koud.
Zijn vrienden (en hijzelf) hebben geen tijd (en geen zin) meer om buiten te fietsen.
In plaats daarvan gaat hij 1 x per week spinnen. De hardcore-variant dus. Types zoals Tim zijn er veel.
Is dat slim? Eén keer per week spinnen
Met goede vriend, en voormalig profwielrenner Aart Vierhouten, had ik het er vorige week nog over.
Dat liefhebbers er nogal andere trainingsgewoontes op na houden dan profs.
En dan niet alleen in aantal kilometers, maar vooral in de variatie.
Profs rijden in een jaar sommige periodes snoeihard (juli) en andere periodes lekker rustig (november). Ik noem dat graag vogels kijken, veel profs zeggen piano, piano.
In november en december rijden de profs veel kilometer in een rustig tempo. Ze leggen nu een goede basis, om straks hard te kunnen gaan trainen. Liefhebbers zoals Tim doen het tegenovergestelde: ze fietsen heel weinig kilometers, maar wél hard.
Vierhouten moedigt wielrenners zonder licentie ook aan om in de winter tijd te nemen voor rustige trainingen.
Zit jij op dit moment ook 1 x per week in sportschool voor spinning?
Kijk dan of het voor jou wellicht ook slim is om soms wat rustiger aan te doen.
3 signalen om een spinningles minder intensief te doen
- Lig jij na spinning tot 2:00 uur naar het plafond te staren? Dat is niet wijs. Je herstel is minstens zo belangrijk als het uurtje spinning. Als je je slaap om zeep helpt om te sporten, dan is dat zonde van de moeite. Alsof je Messi naar Manchester City haalt om hem rechtsback te zetten.
- Ben je 36 uur ná de spinningles moe? Dan is het ook slim wat rustiger aan te doen. Leuk experiment: zet 36 uur na de spinning een alarm. Ben je creatief, alert en fit? Dan ben je goed hersteld van spinning. Ben je moe of heb je behoefte aan suiker? Dat is geen goed teken. 36 uur na een inspanning hoor je herstelt te zijn, niet in een dip te zitten.
- Ruikt je zweet naar ammoniak? Types die na een valpartij niet aan hun wonden denken, maar alleen kijken of hun fiets nog heel is, kunnen diep gaan. Als jouw zweet na een spinningles naar ammoniak ruikt, dan ga je errug diep. In de winter is dat niet altijd nodig.
Ik leg Tim dit rijtje ook voor. Hij vindt het wel logisch klinken: dat je pas hard moet gaan trainen als je een goede basis hebt gelegd. Toch is hij niet enthousiast over het idee om minder hard te trainen.
Hij geniet van diep gaan. Het maakt zijn hoofd leeg en geeft een voldaan gevoel. Daarbij is hij stik eigenwijs, dus als iemand zegt dat hij iets niet moet doen, dan is dat reden genoeg om het juist wel te doen.
Is spinning dan helemaal niet goed?
Natuurlijk hoeft Tim niet te stoppen met spinning. Het is alleen goed om te variëren. Niet alleen maar intensief spinnen, af en toe rustig spinnen, of – voor mijn part – ook rustig hardlopen of een keer op de mountainbike.
Tim gaat het uitproberen: één week volle bak en de week erop rustig spinnen.
Wat doe jij om de winter goed door te komen?


Ik loop in de winter van oudsher meer dan ik fiets. Lopen doe ik afwisselend met lange vogels en intervals. Ook sinds twee jaar meer fan van de trials. Daarnaast staat de fiets op de Tacx en probeer ik elke of om de week een uurtje mijn eigen spinningles te maken met een live concert op de laptop. Errug verleidelijk om dan diep te gaan en een lange klim van te maken. Toch probeer ik dit zeker na bijv. al een intensieve loop juist erna te gebruiken als een uurtje vogels fietsen. Kortom blijven variëren.
Hoi Koen,
Goed idee hoor, maar ik denk dat je te ver voor de troepen uit rent.
En overwerk is alleen nuttig als het incidenteel is, anders loopt de productie per uur gewoon terug en worden er meer fouten gemaakt.
In de werkplaats werd altijd gezegd: overwerk en overwerkt, t’is bijna gelijk.
Greot, Andries