Waarom we het c-woord niet gebruiken

Waarom we het c-woord niet gebruiken

Ik zit in het gras en kijk omhoog. Een jonge buizerd krijgt les in jagen. Het is een mooi gezicht. Twee buizerds die zich ineens tientallen meters laten zakken, om daarna weer rustig omhoog te vliegen.

De zon schijnt.

In het droge gras zie ik een lieveheersbeestje. Het rode bolletje met zwarte stippen vliegt op en landt op mijn knie.

Links hoor ik getik. Ik speur de bomen af en probeer het geluid te lokaliseren. Een groene specht: wauw.

Een kwartier eerder plofte ik neer in het gras. Lekker weer, mooi stukje gras. Nu heb ik een hele rits dieren gezien: de buizerds, een groene specht, lieveheersbeestjes, mieren, een groen torretje, pimpelmezen, koolmezen, een roodborstje, vlinders en een eekhoorn met een grote dennenappel in zijn bek.

Het is verrukkelijk

Zitten.

Koekeloeren.

Mijn wangen worden steeds warmer door een fel zonnetje.

Wellicht zie jij jezelf nu ook in het gras (of op het strand) zitten en eigenlijk moeten we het hierbij laten.

Maar nu ik achter een computer zit en een blog schrijf, is het gevaar groot dat ik de rust van zaterdag om zeep help. Bijvoorbeeld door te schrijven dat kijken naar groene spechten helpt tegen stress.

Schrijven over stress, wakkert stress aan

Nu ben je vermoedelijk uit het gras met de groene specht en in je stress. Want het brein maakt al lezend nauwelijks onderscheid of iets tegen stress is of juist stress aanwakkert.

Stress = stress.

Toch is het goed om manieren te benoemen tegen stress. Werkstress. Geldstress. C-stress.

Vooral dat. C-stress. Wat kunnen we daar tegen doen? Als ik duidelijk probeer te maken dat ik de angst voor corona niet teveel wil toelaten omdat ik meer vertrouwen heb in compassie, zorg en dienen dan in stress en angst, kan ik beter beschrijven dat ik in het gras lig en een eekhoorn zie dan dat ik een manier heb gevonden om coronastress te bestrijden.

Het c-woord staat 15 x op Sportrusten. Je ontkomt er niet aan, maar het liefst vermijden we het. Op Google zijn er 1.230.000.000 hits op corona. We doen er zo min mogelijk aan mee.

Niet omdat we onze kop in het zand steken.

Maar omdat het – ook nu, of juist nu – betekenisvol is om te mediteren, hard te lopen en gezond eten. En we geloven dat het beter werkt om te zeggen waar we enthousiast over zijn, dan om te benadrukken wat je wil bestrijden

Zo word ik nog steeds erg vrolijk van mijn ochtendritueel. Ik ben vóór mijn ochtendritueel. Het brengt me rust en creativiteit. En een groot voordeel: ik zit tevreden en kalm aan de ontbijttafel* grapjes te maken met mijn zoon. Zijn dag begint daardoor ook beter.

Waar word jij erg vrolijk van? Wat geeft jouw dag betekenis? Ik lees graag in de reacties waar jij vóór bent. Dit blog is een pleidooi om enthousiasme en rust delen, brand los 😉

*Ik zit wel aan de ontbijttafel, maar ik ontbijt niet mee, want periodiek vasten bevalt me goed 😉

Over de auteur

Koen de Jong (1979) loopt hard, fietst graag, ademt rustig en doucht koud. Hij is bedenker van het 100-dagen-sportrustenprogramma en geeft veel presentaties bij bedrijven.

Koen schreef de boeken Verademing (met Bram Bakker), Ik hardloper en De Hardlooprevolutie (met Stans van der Poel), Kopwerk (met Aart Vierhouten) en Koud kunstje (met Wim Hof). Zijn werk is in meerdere landen vertaald.

Zijn favoriete boek: Momo en de tijdspaarders.

Verder is hij dol op vers gemaaid gras, landkaarten, boekwinkels en ijsvogels.


Nieuwsbrief

Wil je wekelijks het nieuwste blog, aankondiging van webinars, meer interessante kost je mailbox? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief.

*  Website URL


22 reacties op "Waarom we het c-woord niet gebruiken"

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.