Waarom ik geen smartphone heb

Ik heb geen smartphone.

Nooit gehad.

Sander C. verklaart me voor gek.

Hij heeft me al 5 x een verzoek gedaan om me aan te sluiten bij WhatsApp.

Maar dat kan dus niet.

Ik wil geen smartphone.

Een smartphone leidt maar af. Mijn hoofd is zonder zo’n slimme telefoon al vol genoeg.

Vol brein

Sander C. probeert me toch op andere gedachten te brengen.

‘Je mist echt veel’ – begint hij. ‘Als je niet in een WhatsApp groep zit, dan vergeten mensen je gewoon uit te nodigen’.

‘Ach’ – antwoord ik – ‘als het echt leuk wordt, dan stuur je toch gewoon een smsje?’

‘Ok. Maar het is ook veel goedkoper. WhatsApp kost niets.’

‘Ergens betaal je er vast voor’ – zeg ik – ‘mijn ouwe Nokia kost inclusief een paar honderd smsjes slechts 14,99 euro per maand. Dat haal jij vast niet. Daarbij: het gaat me niet om een paar tientjes per maand. Wat rust in mijn kop is me veel waard.’

Sander C. is nog niet uit het veld geslagen en gaat nog even door met zijn lofzang voor de smartphone.

‘Jij hebt een eigen bedrijf en bent veel onderweg voor lezingen. Het is toch handig om onderweg je mail te checken?’

Hmmm. Met mails heb ik sowieso een haat-liefde-verhouding. Mailen is echt handig. Maar als mailen een hele dag in beslag neemt, gaat er iets mis.

Ik wil hardlopen, schrijven, plannen smeden, mensen spreken en lezingen geven. De hele dag mailen zie ik dus niet zo zitten. En met mails is het net als met kerstkaarten: hoe minder je er verstuurt, hoe minder je ze krijgt.

Dus mijn mail check ik liever niet de hele dag door.

Sander C. gooit het op een andere boeg.

‘En Social media dan? Je bent met Sportrusten heel actief op Facebook en Twitter. Dan is een smartphone toch handig?’

Ik ben dol op Facebook. Het is een mooie manier om in contact te komen met mensen die rustig ademen, hardlopen, koud douchen en te porren zijn voor een halve marathon. Maar als ik de hele dag op Facebook zit, weet ik niet of ik zelf nog wel rustig adem.

‘Ach man’ -zegt Sander C. licht geïrriteerd – ‘je kunt je telefoon toch ook gewoon uit zetten?’

‘Tja’ – antwoord ik ietwat beschaamd – ‘dat kán natuurlijk wel. Maar ik kan best een mateloos type zijn. Ik vind fietsen leuk, dus ik wil profwielrenner worden. Ik vind schrijven leuk, dus ik schrijf  6 boeken vol. Ik ben nieuwsgierig naar meditatie, dus ik ga 10 dagen niet praten en 12 uur per dag mediteren. En ook met drank, drugs en gokken heb ik mateloze periodes gehad. Dus ik bescherm mezelf een beetje tegen overvloedig social-media-gebruik.’

Sander C. heeft nog één troef om mij aan een smartphone te krijgen.

‘Jij toert het hele land door. Met een smartphone kun je makkelijk op googlemaps kijken en dan weet je overal de weg. Is dat niets voor je?’

‘Ah’ – reageer ik tevreden – ‘daar heb ik wat op gevonden.’

‘Wat dan?’ – vraagt Sander C. nieuwsgierig.

Ik pak een kaart van Den Haag uit binnenzak en met grote ogen zeg ik: een plattegrond. En ik wijs aan waar ik vorige week een lezing gaf.

Sander C. slaat zijn ogen neer en geeft het op.

‘Wil jij niet een maandje zónder smartphone?’ – vraag ik.

Zijn smartphone bliebt.

Ajax heeft gescoord. En dat weet zijn telefoon.

Hij heeft mijn vraag niet gehoord.

Maar ik neem voorlopig geen slimme telefoon.

Je kan me wel een smsje sturen als je gaat hardlopen.

Over de auteur

Ademhaling is mijn favoriete onderwerp. Hardlopen en kou staan gedeeld tweede. Over deze onderwerpen schreef ik 10 boeken en ik leid ademcoaches en koucoaches op. Mijn favoriete ademhalingsoefening is anapana en run-dip-run is mijn favoriete training.

Koen de Jong