Born to be free

Zondag fietste ik met mijn zoon naar een terras in de Jordaan voor een lunch.

Verrukkelijk weer, goed gezelschap en lekker eten op een mooi plekkie in het verschiet: het voelde luxe en vrij.

Op weg daarheen belandden we in een demonstratie.

Duizenden mensen liepen met vlaggen en muziek door de Marnixstraat. Veel hadden een sticker op hun shirt geplakt:

Born to be free

De (ogenschijnlijk vrolijke) protestmars was tegen de coronaregels, maar ook tegen de toeslagenaffaires, tegen het huizentekort en tegen de Groningen-affaire.

En voor vrijheid.

Bijna alle mannen hadden een spijkerbroek aan en sneakers.

‘Voel jij je vrij?’ vroeg ik mijn zoon.

‘Nee,’ antwoordde hij meteen, ‘van jou mag ik heel vaak niet Minecraften.’

Nu kon ik natuurlijk zeggen dat er landen zijn waar je écht niet vrij bent. Waar mannen niet eens hand in hand over straat mogen lopen of waar vrouwen niet met blote benen op het strand mogen liggen of waar het bijna onmogelijk is om te trouwen met je liefje uit een andere kaste.

Maar dat zei ik niet.

‘Ik voel me ook niet vrij,’ zei ik. ‘Dat kan ook eigenlijk niet als je samenleeft met andere mensen. We wonen niet in een blokhut in Finland, maar in een dichtbevolkt land.’

Ook ik had een spijkerbroek aan en gympies.

We conformeren ons bijna allemaal aan onze omgeving, dat voelt toch tegenovergesteld aan vrijheid. Van mijn ex kreeg ik jaren geleden een djellaba. Die had ze voor me meegenomen uit Marokko. Jeweetwel, zo’n jurk die veel Marokkaanse mannen dragen. Het zit heerlijk en thuis heb ik hem regelmatig aan, maar als de bel gaat of als ik een boodschap ga doen, doe ik toch snel een spijkerbroek aan.

Maar goed, volgens de wet mag ik natuurlijk wel een djellaba aan, dus formeel ben ik daarin vrij.

Wat wel bij wet verplicht is: je moet kleren aan, je mag niet in je blootje in het park zitten.

‘Ja, maar wie wil er nou in zijn blootje zitten? Dat wil je toch ook gewoon niet?’ zegt mijn zoon.

Vrijheid. Hoe vrij ben je als je denkt iets te willen, wat is opgelegd? Niemand van 2 jaar oud, vindt het vervelend om bloot in het park te zitten, (bijna) iedereen van 8 jaar oud wil kleren aan. Gek eigenlijk.

Over de twee grootste vrijheidsberovers hoorde ik niemand bij de demonstratie

Samenleven in een maatschappij vind ik verrukkelijk. Daar geef ik wel een portie vrijheid voor op.

Maar er zijn grenzen.

Twee grote vrijheidsberovers probeer ik zoveel mogelijk buiten de deur te houden.

Tijd en geld.

Het idee dat je leeft naar de chronostijd omdat je nu eenmaal geld moet verdienen, daar heb ik me niet aan geconformeerd.

Tijd fascineert me. De kloktijd is een verzinsel van mensen zodat het makkelijker is om af te spreken. Handig, maar mijn horloge moet wel dienend blijven en niet de boel overnemen.

Toen ik tijdens aardrijkskunde leerde van mevrouw Koot dat het in Australië een andere dag is dan in Amerika, vond ik dat bizar. Er zweeft een bol in de ruimte, hoe kan het rechts op die bol nu een ander moment zijn dan links op die bol? Dat kan toch niet? Sterker nog: je kunt dus eerder doodgaan dan dat je geboren wordt? Want stel iemand bevalt van een baby in Australië en stapt dan in het vliegtuig naar Amerika. Als de baby overlijdt tijdens de landing is die dus eerder gestorven dan geboren (want je vliegt sneller dan de tijdzones).

‘Koen, doe niet zo flauw,’ zei mevrouw Koot.

Maar ik dacht: hier klopt iets niet. Dat hele gedoe met tijd, moet ik met een korrel zout nemen. Dat is goed gelukt. Met hardlopen, mediteren, een ijsbad, schrijven en goede gesprekken, kun je van een dag drie dagen maken. En met Netflix en alcohol kun je tijd in een vacuüm laten zuigen en vervliegt het waar je bij zit. Van 9:00 tot 17:00 bij een baas zitten, omdat je 8 uur moet werken gaat aan mijn beleving van tijd voorbij.

Net als tijd, kan ook geld een vrijheidsberover zijn.

Geld kan de macht in je leven grijpen. Dat is gek. Want het is bedoeld als handig middel, niet als hoofddoel an sich.

Juist omdat het een ruilmiddel is, kun je er handig gebruik van maken. Het biedt de mogelijkheid om periodes te werken en geld te verdienen, zodat je op een ander moment eenvoudig je tijd kunt besteden aan zaken die belangrijk zijn.

Bijvoorbeeld een dementerende moeder (hypothetisch, mijn moeder is heel kwiek – voor het geval je meeleest ;)) of een verslavingsgevoelige zoon. Het schiet zijn doel een voorbij als je geen tijd hebt voor je zorgbehoefende moeder omdat je  geld moet verdienen.

Ieder kind snapt dat er momenten zijn dat je met aandacht en zorg bij je naasten bent en dat er andere momenten zijn dat je met aandacht bij je werk bent.

Als je vrij bent, heb je daarin een keuze.

Die vrijheid voel ik wel.

Maar daar hoorde ik zondag niemand over.

‘Dus zolang ik niet voor jou hoef te zorgen, kan ik heel veel Minecraften,’ concludeerde mijn zoon.

‘Ehhhh……..’

Hoe vrij voel jij je?

Over de auteur

Ademhaling is mijn favoriete onderwerp. Hardlopen en kou staan gedeeld tweede. Over deze onderwerpen schreef ik 10 boeken en ik leid ademcoaches en koucoaches op. Mijn favoriete ademhalingsoefening is anapana en run-dip-run is mijn favoriete training.

Koen de Jong