Waarom je nooit een inspanningstest mét een mondkapje moet doen

David Bruinsma* doet een inspanningstest.

Zijn omslagpunt is 182.

Drie jaar geleden deed David een inspanningstest bij het SMA op Papendal.

Toen was zijn omslagpunt 168.

Zijn maximale hartslag is bij beide testen 195.

Kan je omslagpunt 14 slagen stijgen in zo’n korte periode?

Nee. Dat kan niet.

Ik vraag David of hij bij de inspanningstest op Papendal een mondkapje had tijdens de inspanningstest. David bevestigt. Daar is een inspanningstest inderdaad met gaswisselingsanalyse, dus mét mondkapje.

Ik vraag of hij dat mondkapje destijds erg vervelend vond. David knikt opnieuw. Hij vond dat kapje voor zijn mond erg benauwend tijdens de inspanningstest.

Dat zie je vaak. Sporters krijgen door het kapje een benauwd gevoel en gaan sneller ademen dan ze in ‘het wild’ gewend zijn.

Maar heeft dat invloed om het gemeten omslagpunt?

Ho. Wacht. Wat is het omslagpunt ook alweer precies?

Het omslagpunt is het punt waarbij het melkzuur in je bloed (bloedlactaatwaarden) exponentieel stijgt. Dat voel je zelf omdat je bovenbenen gaan verzuren en pijn doen. Het omslagpunt is niet echt één punt, maar een kleine zone van 2 tot 4 hartslagen.

Wat maakt het uit dat deze wat hoger of lager is.

Vanuit het omslagpunt worden je hartslagzones berekend.

Is je omslagpunt in het echt hoger dan tijdens de meting, dan zijn je hartslagzones verkeerd vastgesteld.

Als het advies is om op bijvoorbeeld 70% van je omslagpunt te gaan hardlopen, dan train je dus veel te langzaam met het lage omslagpunt. En dan word je niet beter. Je blijft hangen op hetzelfde niveau. Je kunt (helaas) niet iedere dag vogels kijken.

Ok. Hoe kun je het omslagpunt dan wél vaststellen?

Je eigen waarneming liegt nooit. Heb je zelf het gevoel dat je pas gaat verzuren boven de 180, dan weet je zeker dat je omslagpunt geen 168 kan zijn.

Echt. Op die manier kun je het eenvoudig zelf toetsen.

David komt bij mij voor een meting met de Co2ntrol: een apparaat, ontwikkeld door Stans van der Poel. Hij wil een meting met de Co2ntrol omdat hij dan geen mondkapje om hoeft. En hij wil weten of zijn omslagpunt niet veel hoger ligt dan 168, hij krijgt het pas zwaar als zijn hartslag boven de 180 komt. Voor zijn gevoel.

Met de Co2ntrol meet je de ademfrequentie, en de uitzetting van de borstkas. Zo is geen mondkapje of lactaatmeting nodig.

Hoe werkt dat?

Bij een oplopende belasting ga je dieper ademen. Wordt de belasting alsmaar zwaarder dan komt er een punt dat je niet meer dieper kunt ademen. Je gaat dan sneller ademen: knik 1 in de afbeelding hieronder. Wordt de belasting weer zwaarder. Dan komt er een punt dat je niet meer sneller kunt ademen en even diep. Je gaat dan exponentieel sneller, maar minder diep ademen: knik 2. Het punt van knik 2 is je omslagpunt.

Zie afbeelding.

Omslagpunt

 

David traint inmiddels een stuk harder. Zijn hartslagzones liggen hoger en dat vindt hij heerlijk. Hij heeft niet meer het gevoel dat zijn hartslagmeter hem remt.

En hij laat zich niet meer testen met een mondkapje voor.

Looptrainster Stans van der Poel voegt toe: ‘meten met een mondkapje kan prima, maar dan moet de apparatuur wel geijkt zijn. En dat is bij die apparatuur zo kostbaar, dat er niet geijkt wordt.’

*gefingeerde naam

 

Over de auteur

Ademhaling is mijn favoriete onderwerp. Hardlopen en kou staan gedeeld tweede. Over deze onderwerpen schreef ik 10 boeken en ik leid ademcoaches en koucoaches op. Mijn favoriete ademhalingsoefening is anapana en run-dip-run is mijn favoriete training.

Koen de Jong