terug

Van 21 naar 42 in zes weken (Ramón Haen)

“Voor mij heeft het concept van sportrusten gewerkt”

In September 2013 begon ik met het Start Running programma van de Maastrichtse loopclub JustGoo. Ik was 45 jaar oud, woog ruim 95 kilo en maandelijks gaf de weegschaal een hoger getal aan. Er moest iets gebeuren wilde ik niet voor mijn vijftigste volkomen vervet omvallen. En hoewel ik een intense hekel had aan sport meldde ik mij op basis van een dringend danwel dwingend advies van mijn echtgenote Paula, toch aan voor deze cursus om te leren hardlopen.

De eerste trainingen waren zwaar, heel zwaar. Elke dag spierpijn na de training maar na enkele weken merk je dan dat je conditie toch vooruit gaat. Na een week of zes kon ik 2,5 km aan één stuk rennen waar ik daarvoor de afstand tussen twee lantaarnpalen (binnen de bebouwde kom) niet haalde. En zo ging het gestaag verder en uiteindelijk liep ik in oktober 2018 in Amsterdam mijn vierde halve marathon.

En na vier halve, wil je dan ook eens kijken waar je grens ligt en heb ik me in een vlaag van overmoed (of was het verstandsverbijstering?) ingeschreven voor de marathon van Valencia, ‘El Ciudad del Running’. Tussen ‘Amsterdam’ en ‘Valencia zaten zes weken. En binnen die tijd heb ik op basis van het sportrusten programma getraind voor de marathon. Een iets aangepast schema waarbij de langste training geen 14 maar 12 km was. Ik heb puur op basis van hartslag getraind.

Zondag 2 december 2018.

De dag van de marathon. Vandaag gaat het gebeuren. Kom niet echt lekker mijn bed uit. Matig geslapen, last van heupen en rug. Toch misschien iets teveel gewandeld de afgelopen twee dagen in Valencia. Maar goed, in zo’n mooie stad op je hotelkamer blijven is ook geen optie.

Om 6 uur zitten Paula en ik aan het ontbijt in ons hotel. Ik pak drie aspirines. Straks moet de endorfine het maar overnemen. Iets voor achten wandelen we met een lekker zonnetje rustig naar ons startvak. Uiteraard starten we helemaal in het achterste vak, met alle andere beginners en mensen zonder tijdsambities. Vóór ons staan bijna 22.000 andere marathonlopers.

Om 8:50 begint ons vak dan te bewegen en om 8:58 passeren we de startboog. Horloge aan. We zijn begonnen! De eerste kilometers loop ik met Paula mee. Paula kon door blessures niet voluit trainen dus zij heeft het halen van het 21 km punt als doelstelling. Dus ik start heel rustig. Na een kilometer of drie ‘mag’ ik los en voer ik het tempo iets op. Na km 5 komen we in tegengestelde richting een paar donkere lopers tegen. Wát? Die zijn dus al over de twintig kilometer! Lekker motiverend…

Ik loop door en na 7 km maakt het parcours een U-bocht om vervolgens een kilometer of anderhalf de tegengestelde richting te volgen. Ik zwaai naar Paula die nog aan de andere kant loopt en zie even later de bezemwagen met daarachter een aantal ambulances. Ik realiseer me nu dat ik tussen echt de laatste paar honderd lopers ren. Goed, denk aan de hartslag, gewoon doorlopen. Mijn fles met een halve liter water en Isostar die ik vanaf de start heb meegenomen is leeg, ik pak een energiereep en eet die al lopend op. Op dit tempo en in deze fase is vast voedsel nog te doen. Bij km 10 neem ik een flesje water aan en ongemerkt gaan de kilometers voorbij. Bij km 15 melden de eerste klanten zich bij het Rode Kruis maar erg serieus ziet het er allemaal niet uit. Ik loop lekker door en begin inmiddels meer mensen in te halen. Het punt km 21,1 waar Paula van plan is te stoppen loop ik bijna ongemerkt voorbij. Gaat echt soepel. Bij km 23 het eerste echte slachtoffer. Er wordt iemand gereanimeerd. Twee ambulances, heel veel politie. Ziet er ernstig uit. (een dag later las ik in de krant dat er in totaal 17 mensen naar het ziekenhuis zijn afgevoerd waarvan twee met ernstige hartproblemen. Ik weet niet hoe het afgelopen is) Maar ik zet de knop snel om. Mijn hartslag ziet er nog prima uit. Bij km 25 begin ik steeds meer vertrouwen te krijgen. Nog nooit heb ik verder gelopen dan 24 km en dat ook maar één keer. Dus dit PR heb ik alvast binnen.
Ik pak vanaf nu elke vijf kilometer een gel. En tussendoor een magnesium preparaat want je verliest natuurlijk veel mineralen en zouten door transpiratie. Ook heb ik vanaf km 10 elke verzorgingspost een fles water aangenomen. Heel fijn dat ze flesjes hebben van 350 ml. Veel handiger dan bekertjes. Zo kun je blijven rennen terwijl je drinkt.

Intussen heb ik twee pacers in het vizier. Ik kan niet zien welke tijd ze op hun vlag hebben op die afstand maar bij km 30 haal ik ze in. 5:00! WTF, horen die niet achteraan te lopen? Ik neem me voor in elk geval deze twee vlaggendragers voor te blijven. Dan kom ik in zeker binnen de vijf uur en dus binnen mijn doelstelling binnen.

Vrijwel alle marathonlopers hebben het over de man met de hamer die je rond km 30/32 tegenkomt. En die heeft er inderdaad flink op los getimmerd want ik zie nu meer mensen wandelen dan lopen. Of zelfs helemaal stuk zitten. Het Rode Kruis krijgt het steeds drukker. Maar kennelijk heeft de hamerman mij gemist want ik voel me nog steeds okay. Op dit moment weet ik het zeker: ‘ik ga het gewoon halen!’ Een zekere euforie overspoelt mij nu al en als dan ook nog ‘Highway to Hell’ van AC/DC uit de speakers schalt, ben ik niet meer te houden. Ik vlieg tussen km 33 en 34 opeens alles en iedereen voorbij. Hó, even op de rem als ik op mijn horloge kijk en uit mijn roes kom. Denk aan tempo, let op je hartslag.

Men zegt dat de marathon pas na 30 km begint. Kennelijk heeft niet iedereen dat memo ontvangen want het lijkt nu meer de wandelvierdaagse. Maar ik ren gelukkig nog steeds.

In de binnenstad van Valencia is het één groot feest, super enthousiast publiek dat ook de laatste lopers blijft aanmoedigen en ik heb ook nog het besef om ervan te genieten. Fantastisch, er is op de hele route niet één plaats waar je niet een band of andere muziek hoort. Ik passeer het Estació del Nord en het naastgelegen Placa de Toros. Schitterende gebouwen. Rond KM 40 ter hoogte van ons hotel zie ik Paula staan. Zij heeft nog tot KM 25 gerend en is toen gelukkig in een gezonde toestand gestopt. Een high five, ik ben er bijna. Nu begint de vermoeidheid echt wel toe te slaan. Tempo zakt iets terug. Maar ik heb dik veertig kilometer gelopen zonder stil staan of wandelen. Dan gaat me dat ook die laatste kilometers niet gebeuren. Ik zet door en dan komt daar dat onbeschrijflijke moment dat je langs die schitterende gebouwen van Calatrava op de finish afgaat. Een eindsprint zit er niet meer in maar de armen gaan wel de lucht in. Juichend ren ik de laatste honderd meter op die finish af. Ik heb het gedaan! Een gevoel dat simpelweg niet te beschrijven is. Mijn eerste marathon. In 4:46 uur.

Valencia Marathon 2018 - Ramon Haen - Sportrusten

De avond en dag na de run: mijn benen zijn pijnlijk vermoeid maar verder voel ik me uitstekend. Niet alleen door de euforie van het moment maar ook omdat ik me gedisciplineerd aan mijn tempo heb gehouden door constant mijn hartslag in de gaten te houden. Geen pijntjes, geen blaren of schuurplekken en helemaal geen uitgeput gevoel.

Voor mij heeft het concept van sportrusten gewerkt.

Deel dit artikel
Share on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin

2 reacties op "Van 21 naar 42 in zes weken (Ramón Haen)"