Wat je nooit moet doen als je gaat lopen met een hartslagmeter

Wat je nooit moet doen als je gaat lopen met een hartslagmeter

Bijgewerkt 5 juli 2020

Met een hartslagmeter kun je gericht trainen.

Sportrusten-abonnees zijn 1 juli begonnen met de D2-uitdaging. Een maand lang drie keer per week lopen in D2 en dat afsluiten met een (hele) lang run.

Er zitten voordelen aan lopen met een hartslagmeter.

Je ziet wanneer je in ‘het rood’ loopt of wanneer je te voorzichtig loopt (en dus helemaal geen trainingsprikkel hebt).

In hardloopspeciaalzaken moedigen verkopers je dan ook aan om vooral een hartslagmeter te kopen.

Dat is verantwoord.

Gericht trainen om beter te worden én verantwoord bezig zijn. Wie wil dat niet?

Dus je koopt een hartslagmeter.

Maar wat nu? Want je weet nu wel dat je hartslag (bijvoorbeeld) 162 is, maar wat zegt dat eigenlijk?

Je gaat Googelen: Hartslag tijdens het hardlopen

Sport.infonu.nl staat hoog in de lijst.

Hardlopen met een hartslagmeter, hoe te beginnen?

Die moeten we hebben.

Ze komen met een formule:

En nu gaat het mis.

Want als je met die formule aan de slag gaat, dan kan het goed zijn dat je altijd als een slome duikelaar loopt en nooit meer écht traint. Of je loopt jezelf juist over de kop terwijl je denkt lekker rustig te lopen.

Lopen met een hartslagmeter: 5 dingen die je nooit moet doen als je traint met een hartslagmeter

1. Neem de formule 220 minus je leeftijd NIET serieus

Met die standaardformule kun je er zomaar twintig (!) hartslagen naast zitten en dat is veel teveel. Ik ben bijvoorbeeld 38 jaar en heb een maximale hartslag van om en nabij 204. Als ik met standaardformules ga werken met als uitgangspunt een maximale hartslag van 182 (220 – 38) in plaats van 204, dan kan ik zelfs ‘vogels kijken’ tijdens mijn intensieve interval. Het lijkt me op zich wel lekker, maar ik ga er niet harder van lopen.

2. Vergelijk je hartslag nooit met die van een ander

Na een inspanningstest met een groep op een atletiekbaan vroeg ik – toen we bezweet terugkwamen met onze hartslagen – aan de groep: welke loper is beter, loper 1 die met een gemiddelde hartslag van 164 tien kilometer kan lopen in 55 minuten, of loper 2 die ook tien kilometer kan lopen in 55 minuten maar een gemiddelde hartslag heeft van 188 bij die afstand? Rumoer. Een enkeling dacht dat de loper die met een gemiddelde hartslag van 188 finishte beter was, maar de meerderheid vond dat de loper met een lage hartslag beter was. Niemand zei dat beide lopers even goed zijn: ze lopen immers precies even hard op de tien, en daar gaat het om. Tijden vergelijken vinden we niet zo interessant, maar soms ook wel leuk. Hartslagen vergelijken heeft echt helemaal geen zin, het is gewoon erfelijk bepaald. Net zoals je schoenmaat of de lengte van je neus.

3. Vertrouw niet blind de uitslag van een inspanningstest

Lopen met een hartslagmeter is goed. En een inspanningstest bij een sportarts of een vereniging is (meestal) een goed begin. We komen toch nogal wat lopers tegen die denken hun omslagpunt te weten omdat ze een inspanningstest hebben gedaan, maar die met een te laag omslagpunt aan de slag gaan. Omdat de test op een fiets was bijvoorbeeld, of omdat de apparatuur niet geijkt was. Je gevoel liegt zelden. Als je fluitend op je omslagpunt kunt lopen, dan weet je dat er iets niet klopt. Controleer daarom zelf je hartslagen ook even bij een loopevenement. Da’s eenvoudig en leuk.

4. Varieer en hou je trainingen 100 dagen bij

Als je eenmaal je hartslagzones weet is het goed om niet op één zone te lopen maar te variëren. In aanloop naar een halve of hele marathon loop je veel op je ‘evenementenhartslag’, als onderhoud loop je veel in D2, afgewisseld met D3 of interval. Het mooie van een hartslagmeter is dat je kunt zien of je vooruit gaat: hou je trainingen 100 dagen bij en schrijf je gemiddelde hartslag op en je gemiddelde snelheid. Word je sneller bij dezelfde hartslag? Dan ga je vooruit.

5. Lopen met een hartslagmeter; maar niet altijd

Toen ik eenmaal doorhad wat mijn zones waren en welk tempo ik liep bij de verschillende zones, sloeg ik een beetje door. Elk loopje hield ik mijn hartslag bij, ook als ik gewoon lekker een rondje ging lopen in de pauze. Soms liep ik met iemand anders die wat langzamer liep en dan baalde ik dat ik in D0 had gelopen. Onbenullig natuurlijk. Om ervoor te zorgen dat lopen op hartslag een middel blijft om beter te worden en geen doel op zich, is het goed om één keer per week zonder hartslagmeter te lopen.

Welke hartslagmeter is dan goed?

Als ik ergens een pleidooi hou voor lopen met een hartslagmeter, krijg ik vaak de vraag welke hartslagmeter goed is. Ik ben erg blij met de Polar Vantage M omdat die nauwkeurige hartslagen meet en te koppelen is met Stryd. Maar er zijn natuurlijk tig goeie hartslagmeters.

Heb jij ervaring met een hartslagmeter? Schrijf hieronder gerust je ervaring, maar als je vertegenwoordiger bent van hartslagmeters, zeg het er dan eerlijk bij.

Over de auteur

Koen de Jong (1979) loopt hard, fietst graag, ademt rustig en doucht koud. Hij is bedenker van het 100-dagen-sportrustenprogramma en geeft veel presentaties bij bedrijven.

Koen schreef de boeken Verademing (met Bram Bakker), Ik hardloper en De Hardlooprevolutie (met Stans van der Poel), Kopwerk (met Aart Vierhouten) en Koud kunstje (met Wim Hof). Zijn werk is in meerdere landen vertaald.

Zijn favoriete boek: Momo en de tijdspaarders.

Verder is hij dol op vers gemaaid gras, landkaarten, boekwinkels en ijsvogels.


Nieuwsbrief

Wil je wekelijks het nieuwste blog, aankondiging van webinars, meer interessante kost je mailbox? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief.

*  Website URL


69 reacties op "Wat je nooit moet doen als je gaat lopen met een hartslagmeter"

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.